Home Home Terug naar familiegeschiedenis Terug naar familiegeschiedenis
Middelbare schooltijd  Op mijn 12e (1928) kwam ik op de HBS. Dit was in de Hofstedestraat. Er waren twee gymlokalen, één voor de  meisjes en één voor de jongens. In het begin kreeg ik een algemene opleiding tot aan de derde klas. De eerste drie  jaren verliepen zonder noemenswaardige problemen. Samen met Jan Bekker waren wij wel de jongsten van de klas.  In het vierde leerjaar kregen we vakken die gericht waren op economie en staatshuishoudkunde. Dat liep niet zo  lekker en ik stond er niet zo best voor. De directeur raadde mij aan (we waren ongeveer halverwege het schooljaar)  om de klas over te doen. Ik heb me daartegen verzet en heb me dusdanig ingespannen dat ik er toch in slaagde  over te gaan. En ik had zelfs best wel goede cijfers gehaald. In mijn derde schooljaar gebeurde er iets raars. We moesten als klas een paar dagen achtereen nablijven. Wat was  er gebeurd? Wel, door een waterstoker was er een zak kolen geleverd aan één van de andere leraren. Maar die zak  kolen was helemaal niet door hem besteld, maar de waterstoker wilde toch geld zien. Dezelfde leraar had zo al meer  dingen geleverd gekregen, die hij nooit besteld had. Ze wisten niet wie hier achter zat, maar er werd gedacht dat  het iemand uit onze klas moest zijn. En daarom moesten we nablijven, zodat misschien de dader zich wel zou  melden. Dit nablijven duurde ongeveer een half uur. Thuis moest ik verklaren waarom ik later thuiskwam.  Uiteindelijk bleek dat het een aantal leerlingen uit de vierde klas was die het gedaan hadden. Die zijn bij een  waterstoker of zo langs geweest en hebben gezegd dat ze daar en daar kolen konden leveren, aan een leerkracht  waaraan ze misschien een hekel aan hadden. Bij een waterstoker kon je onder andere heet water krijgen en ook  kolen. Na zijn bekentenis is hij direct van school verwijderd.  Het was ook in de tweede of derde klas dat we les kregen van een arts. De jongens en de meisjes kregen dan apart  voorlichting. Over de voortplanting van de mens. Daar leerden we ook de omgang met de meisjes en alles wat  daarover te vertellen is. Dat heeft de arts ook bij de meisjes gedaan, over de omgang met de jongens. Ik heb er  goed kennis van genomen.  Het was ook in de derde of vierde klas dat ik de beginselen van de radiotechniek geleerd heb. Dit kwam mij op een  gegeven moment goed van pas. Want onze onderburen, de familie Van der Avoord, had er een gewoonte van  gemaakt om regelmatig hun radio knoeihard aan te zetten. Ik zat in die tijd er vlak boven in een klein kamertje te  studeren. Het geluid hinderde mij om me bij het leren goed te kunnen concentreren. Mijn ouders hebben hierover  bij de onderburen melding van gemaakt dat hun zoon zit te studeren en of ze daar rekening mee wilden houden. Dit  heeft echter maar kort geduurd, want korte tijd later stond de radio weer regelmatig hard aan.  Dankzij de radiotechniek die ik op school had geleerd, had ik ook geleerd hoe je een soort stoorzender kon maken.  Ik heb toen een zogenaamde Ruhmkorfinductor gebouwd. Deze verstoort alle radio uitzendingen binnen een  bepaalde straal. Het zorgt ervoor dat de radio een akelig gekraak uitzendt. Door de spoel te draaien kon ik zo de  radio van de benedenburen storen. Telkens als de radio hard werd aangezet zette ik mijn stoorzender aan, net  zolang totdat ze beseften, na soms flink gescheld door dat gekraak, dat ze de radio wat zachter moesten zetten. Pas later heb ik tegen mijn vader verteld wat ik had gedaan.  Ik heb aan het einde van mijn schooljaren nog gecorrespondeerd met een meisje in Zuid Afrika. Zij heeft mij nog  gevraagd om naar Zuid Afrika te verhuizen.  Rapport 1e klas HBS  Rapport 2e klas HBS  Rapport 3e klas HBS  Rapport 4e klas HBS  Rapport 5e klas HBS  Op 6 maart 1933, mijn examenjaar, werd mijn jongste zus Tini (Trijntje) geboren.